Why Trust Science

Why Trust Science

afbeelding cover boek why trust science
Author
Noami Oreskes
Publisher
Princeton University Press

In "Why Trust Science" poogt Noami Oreskes ons een antwoord te bieden op de vragen: "Mogen we de wetenschappen vertrouwen" en "Welke voorwaarden zijn er gesteld aan dit vertrouwen". Het is haar antwoord op de "post-truth" wereld van Donald Trump, Boris Johnson, Victor Orban, ea.  De "post-truth" wereld is de wereld waar er vanuit wordt gegaan dat wetenschappelijk onderzoek en in het verlengde de mogelijkheid van de wetenschap bij kennisontwikkeling, niet legitiemer is dan andere instanties die poneren een beeld te scheppen van de werkelijkheid. 

Het boek biedt een mooi en beknopt overzicht van de wetenschapsfilosofie. Startend in de 19de eeuw vanuit het positivisme van Compte die de nadruk legt op de methode als objectief en betrouwbare instrument. Deze methode van waarnemingen was een 'eerste' reactie op de toen heersende waarheid geponeerd door godsdienstig geloof, bijgeloof en metafysica.  Het positivisme gaat uit dat het voor de mens onmogelijk is de absolute waarheid in pacht te hebben en dat observatie de bron moet zijn van ons redeneren. De introductie eindigt bij Helen Longino die stelt dat de legitimiteit van de wetenschap moet voortvloeien uit een open en diverse wetenschappelijke gemeenschap, een gemeenschap bewust van zijn sociale context  en open staat voor kritiek.

Vanuit deze geschiedenis stelt Oreskes dat we de wetenschappen moeten vertrouwen omdat deze:

  1. een volhouden en volledige toewijding heeft aan het streven naar kennisverwerving over de wereld.
  2. rekening houdt met het sociaal karakter van de wetenschappers die zoeken naar deze kennis

In het tweede deel beschrijft ze 5 criteria op waar wetenschappelijke kennis aan moet voldoen. 

  1. Er moet een grote consensus over bestaan
  2. Het onderzoek moet via een duidelijke methode reproduceerbaar zijn
  3. Er moet duidelijk bewijs zijn van de kennis
  4. De waarden die de kennis omringen moeten gedragen worden door een zo breed mogelijke gemeenschap.
  5. De wetenschappelijke wereld moeten nederig zijn ten opzichte van de kennis die ze menen te produceren

Oreskes verduidelijkt deze 5 criteria aan de hand van vier concrete voorbeelden waar de wetenschappen het aan het verkeerde eind hadden maar die de test van de 5 criteria niet doorstaan.

  1. 'Limited Energy theory'
  2. Continentendrift
  3. Eugenitica
  4. Hormonale geboorte regeling

In het derde deel van het boek geven vier gerenommeerde professoren kritiek op de inhoud van Oreskes. 

  • Susan Lindey stelt dat de wetenschappelijke wereld beter moet leren communiceren met de gemeenschap.
  • Marc Lange stelt dat we niet mogen verwachten dat er een algeheel sluitend argument is waarom we de wetenschappen moeten vertrouwen. En dat we zoals ook Feyerabend al stelde, af en toe goed de basisprincipes van de wetenschap (incommensurabiliteit en onderdeterminatie) mogen en moeten negeren.
  • Edenhofer stelt zich de vraag hoe je wetenschappelijk consensus vertaalt in de complexiteit van het politiek beleid. 
  • Krosnick beschrijft enkele grote en bekende onderzoeken die vals bleken te zijn

In het laatste deel probeert Oreskes een antwoord te formuleren op de kritiek van de 4 professoren. 


Opinie

Dit is zeker een interessant boek over de moderne kijk op de wetenschapsfilosofie waarbij Oreskes in het eerste hoofdstuk de niet professionele wetenschapper tracht mee te krijgen met een historisch overzicht.

Het tweede gedeelte waar zij ons tracht te overtuigen om in wetenschappen te geloven mist volgens mij wat overtuigingskracht.

De belangrijkste reden waarom ze hier niet in slaagt is dat ze niet volledig ingaat op het noodzakelijke open karakter van de wetenschappen. In haar betoog beperkt ze zich tot het open karakter van wetenschappen binnen de wetenschappelijke wereld. Zo verklaart ze zelf:"Schoenmaker blijf bij uw leest". We vertrouwen een loodgieter omdat hij een diploma loodgieter heeft. Vanuit een kritisch oogpunt (1), maar ook een logische (2) binnen Oreskes redenatie lijkt mij dit verkeerd. Waarmee ik niet wil zeggen dat een geschoolde wetenschappen niet over meer autoriteit beschikt dan een amateur. Alleen dat een amateurwetenschappers ook tot legitieme kennisontwikkeling kunnen bijdragen.

Ten eerste erkent Oreskes dat wetenschappelijke kennis vollediger is als we deze vorm geven in een divers milieu waarbij vele culturen aan de kennis helpen bouwen. Vrouwen kunnen bijvoorbeeld een heel andere kijk hebben op feiten dan mannen. Ook bevolkingsgroepen kunnen eenzelfde fenomeen op verschillende manieren waarnemen. In delfde lijn kunnen we stellen dat ook de professionele wetenschappelijke wereld een bepaalde cultuur vormt met  een eigen vooringenomenheid. Open staan dat niet professionelen kan bijdragen aan een meer waarheidsgetrouw en vollediger beeld van de werkelijkheid

Ten tweede gaat Oreskes niet in op het gebrek aan transparantie, die volgens mij de "post-truth" tijdperk in de hand werkt. Veel recent wetenschappelijk onderzoek is enkel toegankelijk via 'dure' abonnementen en dus niet beschikbaar voor de burgers. Burgers moeten hun kennis meestal halen van twee -"al  dan niet"- experts die in de pers binnen heel gelimiteerde tijd en/of ruimte hun standpunt moeten verdedigen. De winnaar van zo'n debat is vaak de beste redenaar, deze met de meeste charme of diegene die mensen vertelt wat ze willen horen. Daarnaast kan in veel geschreven bronnen, de inhoud niet gecontroleerd worden omdat de genoemde referenties niet vrij toegankelijk zijn. De transparantie en de mogelijkheid op de standpunten grondig te onderzoeken zijn er niet en zijn een conditio sine qua non om het vertrouwen van kritische burgers te winnen.

De burgers van de 21ste eeuw willen de mogelijkheid hebben om zich zelf een idee te vormen van de werkelijkheid. Ze willen hierbij zeker gesteund worden door de wetenschappelijke instanties maar als de transparantie van de bronnen van alle partijen wazig of onbereikbaar zijn, dan valt te begrijpen dat mensen het vertrouwen in de wetenschappen verliezen.